Twee landen, één woning
Een tweede huis in Spanje raakt twee belastingstelsels: dat van Spanje, waar de woning staat, en dat van Nederland, waar je belastingplichtig bent. Beide landen willen iets, maar door het belastingverdrag tussen Nederland en Spanje betaal je niet dubbel over hetzelfde.
In de praktijk heffen ze elk over hun eigen deel. Spanje belast het bezit en eventuele huurinkomsten in Spanje, Nederland betrekt de woning in box 3 maar geeft daarvoor een vermindering. Het is dus geen kwestie van twee keer betalen, maar wel van twee keer aangifte doen.
Door het belastingverdrag word je niet dubbel belast, maar je moet in beide landen wel aan je aangifteverplichtingen voldoen. Negeren leidt tot boetes.
Wat betaal je in Spanje: de IBI
De IBI (Impuesto sobre Bienes Inmuebles) is de Spaanse onroerendezaakbelasting, vergelijkbaar met de Nederlandse OZB. Je betaalt die jaarlijks aan de gemeente, gebaseerd op de kadastrale waarde (valor catastral) van de woning, niet op de marktwaarde.
Het tarief verschilt per gemeente, maar ligt grofweg tussen 0,4 en 1,1 procent van de kadastrale waarde. Omdat die waarde meestal lager is dan de marktwaarde, valt het bedrag mee: voor een woning van enkele honderdduizenden euro's vaak enkele honderden tot ruim duizend euro per jaar.
De niet-residentenbelasting, ook zonder verhuur
Dit verrast veel kopers: ook als je de woning niet verhuurt en zelf gebruikt, betaal je in Spanje inkomstenbelasting voor niet-residenten (de modelo 210). De fiscus gaat er namelijk van uit dat je een fictief voordeel hebt van het bezit van een tweede woning.
De heffing wordt berekend over een percentage van de kadastrale waarde (meestal 1,1 procent daarvan), waarover je vervolgens 19 procent belasting betaalt als EU-inwoner. Dat is in de praktijk een bescheiden bedrag, maar de aangifte is verplicht en moet jaarlijks worden ingediend.
Belasting op huurinkomsten
Verhuur je de woning, dan belast Spanje de huurinkomsten. Voor inwoners van de EU geldt een tarief van 19 procent over de winst, en mag je kosten aftrekken zoals onderhoud, rente, comunidad, IBI en afschrijving naar rato van de verhuurperiode.
Die aftrekbaarheid is een belangrijk voordeel van het EU-lidmaatschap; niet-EU-inwoners betalen 24 procent zónder aftrek. De aangifte gebeurt per kwartaal via de modelo 210. Houd je verhuuradministratie dus netjes bij, want goede documentatie verlaagt je belastbare winst direct.
En in Nederland: box 3
In Nederland geef je de Spaanse woning op in box 3 als vermogen. Daar staat tegenover dat je recht hebt op een aftrek ter voorkoming van dubbele belasting, omdat het heffingsrecht over de woning bij Spanje ligt.
- De woning telt mee voor je box 3-vermogen tegen de WOZ-achtige waarde
- Je claimt de voorkoming van dubbele belasting in je Nederlandse aangifte
- Per saldo betaal je in Nederland weinig tot niets extra over de woning zelf
- Een eventuele financiering kan je box 3-positie beïnvloeden
- Laat dit door een fiscalist toetsen, want de box 3-regels veranderen de komende jaren
Praktisch: hoe regel je dit zonder kopzorgen?
De Spaanse aangiften (IBI, modelo 210) laat je doorgaans verzorgen door een lokale gestoría of fiscalist, die de bedragen berekent en op tijd indient. De kosten daarvan zijn beperkt, vaak enkele honderden euro's per jaar, en je voorkomt er boetes mee.
In Nederland neem je de woning mee in je reguliere aangifte, eventueel met hulp van je eigen adviseur voor de voorkoming van dubbele belasting. Het belangrijkste advies: onderschat de aangifteverplichtingen niet. De Spaanse fiscus is de afgelopen jaren een stuk actiever geworden in het opsporen van niet-aangevende buitenlandse eigenaren.
De modelo 210 is verplicht, ook zonder verhuur. De bedragen zijn meestal klein, maar het niet indienen levert oplopende boetes en rente op.
Belasting goed geregeld vanaf dag één
We brengen je via betrouwbare fiscalisten in contact en zorgen dat je belastingzaken in Spanje en Nederland vanaf de aankoop kloppen. Plan een gesprek.
Lees meer over investeren